VERTALING MONOLOOG

Afgelopen vrijdag viel door een technische storing de boventiteling bij de laatste monoloog helaas weg. Jammer, want de meeste mensen die in de zaal zaten spreken geen Chinees. We hebben daarom de tekst opgevraagd en deze kun je hier alsnog teruglezen. 

MONOLOOG OVER DE VLUCHT UIT CHINA

Dat was een moeilijke tijd.
Leren was zinloos. Er was geen geld voor pennen. Boeken werden verbrand. En je had de hele tijd honger.
Er was geen eten.
Alleen schors van de bomen en gras.
Het was hard werken op het platteland, want iedereen moest van Mao boer worden.
Maar iedereen was wel gelijk aan elkaar.
Je vader. Die goeie oude vis, met zijn zoutkorst van het zwemmen in zee. Het is maar goed dat hij ook koppig was. Hij groef schelpdiertjes voor me op. Ik gooide ze terug in zee. Samen zijn we gevlucht.

Naar Hongkong. Ik liep het donkere water in. Wat ik verzweeg was dat ik niet kon zwemmen. Niet echt. Onder water voelde ik naar de bodem. Er waren draken en slangen.
Voor de tweede poging leerde ik zwemmen. Heen en weer, in Tai Pang Baai. In een duistere nacht moest je een rechte lijn kunnen maken, ondanks de soldaten. Schijnwerpers op het water, schoten bij beweging.

Water. Ik heb er altijd een hekel aan gehad. Ik wil grond onder mijn voeten.

EINDMONOLOOG
Ah-moei, heb je al gegeten? Luister, ik zat te denken.
Je hoeft geen ticket meer te kopen voor mij. Ik blijf. Ik kom niet terug naar Nederland.
Ik heb het hier fijn. Ik heb hier veel mensen. Familie, buren, zelfs nieuwe vrienden.
Als er wat is, helpen zij mij. Maak je geen zorgen. Zorg goed voor jezelf. Volg je eigen wil.

Ah-moei, vertrouw me. Je kan alleen iets bereiken, als je doet wat je zelf wil. Dat heb ik lang niet begrepen. Ik vroeg me nooit af wat ik wilde. Je eigen wil volgen in het leven, dat had ik moeten doen. Voor een leven vol voldoening.